Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen een geregistreerd partnerschap en huwelijk?
Het huwelijk en het geregistreerd partnerschap hebben vrijwel dezelfde wettelijke status. Echter is het zo dat de procedure om een geregistreerd partnerschap te beëindigen anders verloopt dan bij een scheiding. Bij een geregistreerd partnerschap is een scheiding van tafel en bed daarnaast geen mogelijkheid. Een ander woord voor het beëindigen van een geregistreerd partnerschap is ook wel partnerschapsscheiding.
Een geregistreerd partnerschap beëindigen hoeft niet altijd via rechtbank te gaan. Dit is afhankelijk van het feit of jullie het eens zijn over het beëindigen van het geregistreerd partnerschap en of jullie minderjarige kinderen hebben. Daarbij eindigt een geregistreerd partnerschap automatisch wanneer een van de partners komt te overlijden of wanneer het geregistreerd partnerschap wordt omgezet in een huwelijk.
Het beëindigen van een partnerschap kan zonder de rechtbank, mits jullie geen minderjarige kinderen hebben en als jullie een overeenstemming hebben over de beëindiging. Wanneer dit het geval is, kan er gesproken worden over een beëindiging met wederzijds goedvinden.
De registratie kan ongedaan worden gemaakt wanneer er een overeenkomst is opgesteld door een advocaat/mediator of notaris. In deze overeenkomst staat dat jullie allebei het partnerschap willen beëindigen. Ook worden in deze overeenkomsten de rechten en plichten geregeld omtrent een verdeling van de bezittingen en/of alimentatie. Wanneer er onenigheid of een verschil van mening is op één van deze gebieden, dan moet de beëindiging toch via de rechtbank lopen.
Wanneer de beëindiging loopt via de rechtbank is deze gelijk aan een scheidingsprocedure van een huwelijk. In beide gevallen heb je een advocaat of mediator nodig. Daarnaast moet het ook via de rechtbank wanneer jullie minderjarige kinderen hebben en wordt er een ouderschapsplan opgesteld. Hierna verzoekt de advocaat om het geregistreerd partnerschap te beëindigen. Het partnerschap is beëindigd op het moment dat de beschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.